Module 3 van 4
Les 1 van 2

Vraag om vijf versies

Vraag om vijf versies

Je krijgt een mail terug. Hij is prima. Je verstuurt hem.

Maar hoe weet je dat het de beste was? Je hebt er maar één gezien.

Als je een vormgever vraagt om een logo, krijg je nooit één schets. Je krijgt er vijf, want pas als je ze naast elkaar ziet, weet je wat je wilt. Bij een AI kost dat evenveel moeite als het vragen van één.

De prompt van net

Schrijf de onderwerpregel voor de mail over onze prijsverhoging.

Je krijgt: "Aanpassing van onze tarieven per 1 januari". Prima. Saai.

En nu met varianten

Geef vijf verschillende onderwerpregels voor de mail over onze prijsverhoging. Varieer in toon: van heel zakelijk tot heel persoonlijk. Zet er per regel bij waarom die zou werken.

Wat je nu terugkrijgt

  1. "Onze tarieven per 1 januari" – neutraal en duidelijk, wordt niet als spam gelezen, maar nodigt niet uit tot openen.
  2. "Wat er per 1 januari verandert (en wat niet)" – wekt nieuwsgierigheid en belooft meteen geruststelling.
  3. "Even eerlijk over onze prijzen" – persoonlijk, past bij een klant die je al jaren kent. Riskant bij formele inkopers.
  4. "Prijsaanpassing 2027: 6 procent per 1 januari" – alles staat er meteen in. Geen verrassing bij het openen, wel zakelijk afstandelijk.
  5. "Twee jaar dezelfde prijs, nu een aanpassing" – zet de verhoging in context van je eigen terughoudendheid.

Nummer 2 en 5 had je zelf waarschijnlijk niet bedacht. En dat "wat niet" in nummer 2 is precies waar je klant het meest benieuwd naar is.

Waarom dit werkt

Vraag je om één antwoord, dan krijg je het meest waarschijnlijke. Dat is per definitie het meest voorspelbare, en dus meestal het minst opvallende.

Vraag je om vijf, dan moet het model afwijken van dat gemiddelde. De nummers 1 en 2 lijken vaak nog op elkaar, maar vanaf 3 wordt het interessant. Die vijfde is regelmatig degene die je kiest.

De toevoeging "zet erbij waarom" is minstens zo belangrijk als het aantal. Je krijgt er niet alleen opties bij, maar ook de afweging. Daarmee kies je beter, en je leert wat werkt.

Dat heeft een naam

Dit heet iteratief prompten: niet in één keer goed, maar in rondes beter.

De volgende ronde is minstens zo waardevol als de eerste. Kies er één en ga verder:

Neem nummer 2. Geef daar drie varianten op, allemaal korter dan 45 tekens.

Zo werk je toe naar iets wat je zelf nooit in één keer had opgeschreven.

Probeer het zelf

Twee minuten.

Neem iets waar je vandaag over twijfelde: een titel, een openingszin, een naam. Vraag om vijf varianten met per stuk de reden.

Kies de beste en vraag om drie varianten daarvan. Twee rondes, en je hebt iets waar je een half uur over had gedaan.

HiernaLaat het zichzelf nakijken